Mijn tanden voelen los. Wat is er aan de hand?
Een tand die beweegt zit niet meer stevig in het bot. Bij volwassenen komt dat meestal door parodontitis, en dan telt vooral hoe snel er wordt ingegrepen: verloren bot komt niet terug.

Hoe een tand eigenlijk vastzit
Het beeld dat de meeste mensen hebben, is een tand die als een spijker in het kaakbot staat. Zo werkt het niet.
Tussen de wortel en het bot zit een dun laagje met duizenden kleine vezels, die de tand aan het bot ophangen. Dat vezellaagje vangt kauwkrachten op, en het geeft een tand een minieme speling van ongeveer een tiende millimeter. Die beweging is normaal en voelt u niet.
Beweging die u zelf opmerkt, met uw tong of tijdens het eten, betekent dat er iets van die ophanging verloren is gegaan. Meestal is dat het bot eromheen.
De meest voorkomende oorzaak
Bij volwassenen is parodontitis veruit de belangrijkste reden dat tanden los gaan staan.
Het begint oppervlakkig, als tandvleesontsteking rond de rand: rood, gezwollen, bloedend bij het poetsen. In die fase is alles nog omkeerbaar.
Blijft het bestaan, dan verplaatst de ontsteking zich naar beneden. Het tandvlees laat los van de tand, waardoor er een diepere ruimte ontstaat: een pocket. Daarin komt u met een borstel niet meer, dus daar hopen bacteriën zich op. En als reactie op die ontsteking trekt uw lichaam zich terug met het bot.
Dat is de kern van parodontitis: niet de bacteriën vreten het bot weg, maar de ontstekingsreactie ruimt het op. Millimeter voor millimeter, meestal over jaren.
Waarom het zo laat opvalt
Dit is het lastige aan de aandoening. Parodontitis doet in de regel geen pijn.
De signalen zijn er wel, maar ze zijn stil: tandvlees dat bloedt, een vieze smaak of adem, tandvlees dat terugtrekt zodat tanden langer lijken, en soms tanden die van plaats veranderen of waaieren. Dat laatste, kiertjes die er vroeger niet waren, is voor veel mensen het eerste wat echt opvalt.
Tegen de tijd dat een tand merkbaar beweegt, is er vaak al de helft van het steunbot verdwenen. Dat is de reden waarom wij bij elke controle uw tandvlees meten in plaats van af te wachten tot iemand klachten heeft. Wat die meting oplevert, staat in ons artikel over de DPSI-score.
Andere oorzaken
Niet elke losse tand komt door parodontitis.
Een ongeval of een klap. Dan is er acute schade aan de vezels of aan het bot. Dit hoort dezelfde dag beoordeeld te worden; zie ons artikel over een uitgeslagen tand.
Overbelasting. Een tand die door klemmen of knarsen jarenlang meer kracht krijgt dan de rest, kan losser worden. Meestal komt dat bovenop een al bestaand tekort aan bot.
Een ontsteking rond de wortelpunt. Een afgestorven zenuw kan een ontsteking geven die het bot rond de punt aantast en de tand tijdelijk losser en gevoelig maakt.
Een gebroken wortel. Een tand die in de lengte is gescheurd, kan gaan bewegen. Zo’n tand is niet te behouden; meer daarover in ons artikel over een gebarsten tand.
Wat er nog kan
Het eerlijke antwoord bestaat uit twee delen.
Wat niet kan: verloren bot terughalen. Op enkele gunstig gevormde defecten na groeit bot dat door parodontitis is verdwenen niet terug, hoe goed de behandeling ook verloopt.
Wat wél kan, en dat is meer dan mensen denken: de ontsteking tot stilstand brengen. Een gebit met de helft van het bot kan nog decennia meegaan, mits het rustig blijft en het onderhoud goed is. Wij zien mensen die met flink botverlies gewoon oud worden met hun eigen tanden.
De parodontale behandeling is daarvoor de basis: de worteloppervlakken onder het tandvlees grondig reinigen, verdeeld over meerdere afspraken, meestal onder verdoving. Daarna meten we opnieuw, want zonder die controle weet niemand of het gewerkt heeft.
Daarna volgt onderhoud met een korter interval dan gebruikelijk. Dat is geen extra service maar de behandeling zelf: parodontitis is chronisch, en zonder onderhoud komt het terug.
Twee dingen die het beloop bepalen
Roken. Dit is de sterkste factor die u zelf in de hand heeft. Roken vernauwt de kleine bloedvaten in het tandvlees, waardoor de ontsteking minder zichtbaar is en de genezing na behandeling duidelijk minder goed verloopt. Wat wij daarvan in de stoel terugzien, staat in ons artikel over roken en uw mond.
Diabetes. Slecht ingestelde bloedsuikers en parodontitis versterken elkaar in beide richtingen. Goed ingesteld zijn maakt voor uw tandvlees echt verschil, en andersom kan een behandelde parodontitis uw bloedsuikers ten goede komen.
Als een tand niet te houden is
Soms is het te laat voor die tand. Dat is vervelend nieuws, maar het is beter om het vroeg te horen dan er jaren omheen te werken, want elke maand die een hopeloze tand blijft staan kost bot dat u daarna nodig heeft.
Wat er in de plaats kan komen hangt af van hoeveel bot er over is, en dat beoordelen we met een 3D-scan in onze eigen praktijk. Soms is dat een implantaat, soms een brug, en soms een prothese die op implantaten vastklikt. Wat in uw situatie past, bespreken we met de beelden erbij en met een schriftelijke begroting voordat er iets gebeurt.
Wat wij hierin doen
We meten eerst hoe diep de ruimte tussen tand en tandvlees is en hoeveel de tand precies beweegt. Met röntgenfoto's brengen we in beeld hoeveel bot er rond elke wortel over is.
Is parodontitis de oorzaak, dan begint de behandeling met het grondig reinigen van de worteloppervlakken onder het tandvlees, verdeeld over meerdere afspraken en meestal onder verdoving.
Daarna meten we opnieuw. Die tweede meting bepaalt of het tot rust is gekomen, of dat er meer nodig is. Zonder die controle weet niemand of de behandeling gewerkt heeft.
Speelt overbelasting mee, bijvoorbeeld door klemmen of knarsen, dan pakken we dat erbij aan. Een tand met minder bot eromheen verdraagt minder kracht dan voorheen.
Is een tand niet meer te behouden, dan bespreken we de vervanging in hetzelfde gesprek. Bij parodontitis is de staat van het bot bepalend voor wat er daarna mogelijk is, en dat beoordelen we met een 3D-scan.
Veelgestelde vragen
Hoeveel beweging is normaal?
Een gezonde tand heeft een minieme speling, zo'n tiende millimeter, doordat hij in vezels hangt in plaats van vast te zitten in het bot. Die beweging voelt u niet. Merkt u het zelf, met uw tong of tijdens het eten, dan is er meer aan de hand.
Waarom heb ik geen pijn gehad?
Parodontitis is een sluipend proces dat in de meeste gevallen zonder pijn verloopt. De signalen zijn subtiel: tandvlees dat bloedt bij het poetsen, een slechte smaak, tandvlees dat terugtrekt waardoor tanden langer lijken. Pijn komt er meestal pas bij als er een abces ontstaat.
Komt het bot terug als de ontsteking behandeld is?
In de regel niet. Bot dat door parodontitis verloren is gegaan, groeit niet uit zichzelf terug. In bepaalde gevallen kan een deel worden opgebouwd, maar dat lukt alleen bij een gunstig gevormd defect. Het doel van de behandeling is daarom vooral behouden wat er nog is.
Kan een losse tand weer vastgroeien?
Als de ontsteking tot rust komt, wordt een tand vaak wel weer wat steviger, doordat de zwelling verdwijnt en het weefsel zich hecht. Volledig terug naar de oude situatie gaat het niet wanneer er bot verloren is. Soms koppelen we tanden aan elkaar zodat ze samen de kauwkracht dragen.
Is parodontitis erfelijk?
Aanleg speelt zeker mee. Sommige mensen reageren heftiger op dezelfde hoeveelheid bacteriën dan anderen, en dat zit deels in de familie. Roken en slecht ingestelde diabetes zijn de twee factoren die het beloop het sterkst versnellen.
Kan ik nog implantaten als ik parodontitis heb gehad?
Vaak wel, maar niet zomaar. De ontsteking moet eerst tot rust zijn en blijven, want dezelfde bacteriën kunnen ook rond een implantaat een ontsteking geven. Verder is er voldoende bot nodig. Wij beoordelen dat met een CBCT-scan en zeggen het eerlijk als het geen verstandige stap is.
Meer over deze behandeling
Meer over dit onderwerp
Een vraag over uw eigen situatie?
Dit artikel is algemeen; uw mond is dat niet. Twijfelt u of dit op u van toepassing is, stel de vraag gerust. We kijken liever een keer mee dan dat u ermee blijft lopen.